-
Notifications
You must be signed in to change notification settings - Fork 0
Expand file tree
/
Copy patha_variabelen.js
More file actions
54 lines (42 loc) · 2.91 KB
/
Copy patha_variabelen.js
File metadata and controls
54 lines (42 loc) · 2.91 KB
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48
49
50
51
52
53
54
// VARIABLES
// Variabelen zijn containers die herbruikbare gegevens bevatten. Het is de basiseenheid van opslag in een programma.
// De waarde die in een variabele is opgeslagen, kan tijdens de uitvoering van het programma worden gewijzigd.
// Een variabele is slechts een naam die aan een geheugenplaats wordt gegeven, alle bewerkingen die op de variabele
// worden uitgevoerd hebben effect op die geheugenplaats.
// Voordat we variabelen kunnen gebruiken, moeten we eerst aankondigen dat we ze willen gebruiken. Dit wordt gedaan door
// een variabele aan te maken en deze een naam te geven. Dit heet declareren.
let example;
// Door de aanduiding die we gebruiken (let), begrijpt de computer dat we het over een variabele hebben. We kunnen
// er een waarde in opslaan. Dit wordt het toewijzen van een waarde genoemd.
example = 3;
// We kunnen de variabelen initialiseren op het moment van declaratie of ook later wanneer we ze willen gebruiken. Hieronder
// staan enkele voorbeelden van het declareren en initialiseren van variabelen in JavaScript.
let name; // declaratie van een enkele variabele
let person, title, num; // meerdere variabelen declareren
let anotherName = "Danielle"; // let op dat je "" gebruikt en niet “”
anotherName = "Freckle"; // overschrijven van variabele Danielle naar Freckle
// Checklist voor variabele namen:
// De naam begint altijd met een letter, dollarteken ($) of een streepje (_). Hij mag nooit met een getal beginnen.
// De naam mag alleen letters, cijfers, een dollarteken ($) of een streepje (_) bevatten. Je kan geen streepje (-),
// spaties of punten (.) gebruiken.
// Je kan geen sleutelwoord of gereserveerd sleutelwoord gebruiken. Voorbeelden zijn class, new, break of catch.
// Variabelen zijn hoofdlettergevoelig en beginnen bij conventie nooit met een hoofdletter.
// Gebruik logische en beschrijvende namen voor je variabelen die duidelijk maken wat voor waarde ze bevatten.
// Bijvoorbeeld numberOfPatients is veel beschrijvender dan number.
// Als de naam van je variabele uit meer dan één woord bestaat, gebruik dan een hoofdletter voor elk extra woord (camelCase).
// In JavaScript kun je twee soorten variabelen declareren:
// * let: wanneer de waarde meerdere keren binnen één iteratie van het script opnieuw moet worden toegewezen.
// * const: de waarde wordt slechts eenmaal per iteratie toegekend
// Vóór 2015 was het gebruik van het var keyword de enige manier om een JavaScript variabele te declareren
// let variable
let cat = "Freckle";
// let kan ook meerdere waarden aangeven
let a=1,b=2,c=3;
// let toewijzing
// Merk op dat in dit geval het keyword "let" niet meer herhaald hoeft te worden bij "d = 4;". Het woord "let" wordt alleen
// gebruikt wanneer je een nieuwe variabele maakt.
let d = 3;
d = 4; // overschrijven van variabele 3 naar 4
// const variable
const hello = "There";
hello = "You"; // const variabele kun je maar 1 keer toewijzen: TypeError: Assignment to constant variable